Oordelen is een gebod — maar wel ná je eigen zelfonderzoek
Het idee dat christenen nooit mogen oordelen is een hardnekkig misverstand. Bijbels gezien is rechtvaardig oordelen zelfs een gebod. Maar wat houdt dat precies in? Het betekent oordelen volgens Gods Woord, én ervoor zorgen dat je niet oordeelt over zaken waar je zelf schuldig aan bent.
Er is bovendien een wezenlijk verschil tussen oordelen (beoordelen, onderscheiden) en veroordelen (afschrijven, de straf uitspreken). Om een situatie goed te kunnen beoordelen vanuit de Bijbel, moet je immers éérst de feiten en de Schrift daarnaast leggen.
In Johannes 7:24 zegt Jezus heel expliciet:
"Oordeelt niet naar het aanzien, maar oordeelt een rechtvaardig oordeel."
Mattheüs 7 wordt vaak aangehaald door mensen die stellen dat oordelen verboden is, omdat vers 1 begint met "Oordeelt niet...". Maar wie doorleest, ziet meteen dat het hier niet gaat om een totaal verbod op oordelen, maar om een waarschuwing tegen schijnheiligheid:
"Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt. Want met welk oordeel gij oordeelt, zult gij geoordeeld worden; en met welke mate gij meet, zal u wedergemeten worden. En wat ziet gij den splinter, die in het oog uws broeders is, maar merkt den balk niet op, die in uw oog is? Of, hoe zult gij tot uw broeder zeggen: Laat toe, dat ik den splinter uit uw oog uittrekke; en zie, er is een balk in uw oog? Gij geveinsde! werp eerst den balk uit uw oog, en dan zult gij wel zien, om den splinter uit uws broeders oog uit te trekken." — Mattheüs 7:1-5 (SV)
De volgorde is hier doorslaggevend: haal eerst de balk uit je eigen oog, wandel zelf in de waarheid, en daarna kun je helder zien om je broeder of zuster te helpen.
In de praktijk zie je helaas vaak dat de roep "je mag niet oordelen!" vooral gebruikt wordt als schild door mensen die simpelweg niet geconfronteerd of beoordeeld willen worden op hun eigen gedrag.