In Romeinen 11 zien we dat Paulus spreekt over het behoud van sommigen, niet van allen.
Romeinen 11:14
"…om zo mogelijk de naijver van mijn eigen volk [mijn vlees] op te wekken en enigen uit hen te behouden."
Vaak wordt dit vers overgeslagen en springt men direct door naar vers 26:
Romeinen 11:26
"En aldus zal gans Israël behouden worden, gelijk geschreven staat: De Verlosser zal uit Sion komen, Hij zal goddeloosheden van Jakob afwenden."
Deze twee verzen lijken tegenstrijdig als je de verkeerde interpretatie hanteert. Paulus spreekt in vers 14 over 'zijn vlees' — de vleselijke, etnische Joden van wie hij hoopt dat ten minste enigen tot geloof komen. Vers 25 en 26 spreken echter over het geestelijke Israël. Ieder die gered is door het geloof in Jezus, maakt immers deel uit van dit geestelijke Israël.
Dit wordt bevestigd in Romeinen 2:28-29:
"Want niet híj is een Jood die het in het openbaar is, en niet dát is besnijdenis wat in het openbaar aan het vlees geschiedt; maar híj is een Jood die het in het verborgen is..."
En dit sluit ook naadloos aan op wat Paulus al eerder schreef in Romeinen 9:6:
"Want niet allen die uit Israël voortgekomen zijn, zijn Israël."
Wanneer Jezus terugkomt, zal inderdaad heel Israël gered worden — simpelweg omdat Hij alleen de gelovigen (het ware, geestelijke Israël) met Zich mee zal nemen.