Geloof en belijdenis: Geen 'Geloof Plus', maar één totaalpakket!
Beste broeders en zusters,
Soms steekt er een leer de kop op die beweert dat geloven en belijden twee losse dingen zijn. Er wordt dan gezegd: "Als je zegt dat je moet belijden om gered te worden, dan maak je van geloof 'geloof plus werken'!" Maar is dat wel zo? Als we goed in de Bijbel duiken, zien we dat dit een gevaarlijke misvatting is.
Wij staan honderd procent achter geloof alleen. Redding is puur genade, niet uit werken. Maar belijden is geen 'werk'; het is de natuurlijke, automatische uiting van geloof. Het is als hardlopen: als je hardloopt, gaat je hart sneller kloppen en ga je sneller ademen. Dat zijn geen drie losse activiteiten, het is één totaalpakket. Zo zijn geloven in het hart en belijden met de mond ook onafscheidelijk.
De Bijbel gebruikt ze door elkaar
In de Schrift zien we dat de Bijbel soms spreekt over geloven en soms over belijden (of het aanroepen van de Heer) als het gaat om redding. Niet omdat het twee verschillende wegen zijn, maar omdat ze bij elkaar horen. Het is een cijferslot: alleen met de juiste combinatie klikt het open.
Als iemand zegt: "Ik geloof, maar ik weiger het te belijden," dan klopt er iets niet in het hart. De mond spreekt immers waar het hart vol van is. Zelfs als iemand niet fysiek kan praten (zoals bij een coma of ziekte), belijdt het hart het intern voor God of stemt men er innerlijk (of met een knik) volmondig mee in.
Wat zegt de Schrift? (Statenvertaling)
Laten we kijken naar het bekende fundament in Romeinen 10:9-10:
"Namelijk, indien gij met uw mond zult belijden den Heere Jezus, en met uw hart geloven, dat God Hem uit de doden opgewekt heeft, zo zult gij zalig worden. Want met het hart gelooft men ter rechtvaardigheid, en met den mond belijdt men ter zaligheid."
Zie je hoe dicht dit bij elkaar staat? Het één kan niet zonder het ander. En hoe zit het met het afwassen van zonden? Dat gebeurt door geloof alleen, maar kijk hoe dit in Handelingen 22:16 wordt verwoord toen Paulus tot bekering kwam:
"En nu, wat vertraagt gij? Sta op, en laat u dopen, en uw zonden afwassen, aanroepende den Naam des Heeren."
Het aanroepen — het belijden van Wie Hij is — zit ín het proces van de redding verweven.
Pas op voor valse combinaties
Natuurlijk kun je ook belijden zonder het juiste geloof. Dat zien we bij de mensen in Mattheüs 7:22-23:
"Velen zullen te dien dage tot Mij zeggen: Heere, Heere! hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam duivelen uitgeworpen, en in Uw Naam vele krachten gedaan? En dan zal Ik hun openlijk aanzeggen: Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij, die de ongerechtigheid werkt!"
Deze mensen beleden wel met hun mond ("Heere, Heere"), maar hun fundament was verkeerd: ze vertrouwden op hun eigen werken in plaats van op Christus alleen.
Conclusie
Laat je niet meeslepen door doctrines die de Bijbel in stukken knippen. Geloven en belijden horen bij elkaar. Als je werkelijk gelooft, dan belijd je dat ook (of dat nu hardop is, in een persoonlijk gebed, of een innerlijk 'amen' op het sterfbed). Het is geen geloof plus werken, het is het ware geloof dat zich uit!