Gea67 30 Aug 2026, 19:42
Het lijkt genormaliseerd — of zoals de Bijbel zegt: de harten zijn verhard.
Vroeger was het onbeschoft om te vloeken, maar nu lijkt het eerder regel dan uitzondering.
De afgelopen tijd ben ik er eens bewust op gaan letten, en eerlijk gezegd: het is niet normaal meer. De mens lijkt volkomen van God los.
bij een groot bedrijf waar ik regelmatig aan het werk ben vloekt bijna iedereen in ieder gesprek minstens één keer. Bij de fysiotherapeut begon het gesprek zelfs meteen met vloeken. En in de gemiddelde film kan men blijkbaar ook niet meer zonder.
Het lijkt wel alsof vloeken gestandaardiseerd is, alsof het er gewoon bij hoort. Maar dat laat juist zien hoe verkild de harten zijn geworden in deze maatschappij.
Los van God, losbandig leven — en ondertussen vloekt men meer dan ooit tevoren.
De vraag blijft: waarom toch?
De Bijbel geeft ons een duidelijke verklaring:
1:Verharding van het hart
Jezus zegt: “En omdat de wetteloosheid zal toenemen, zal de liefde van velen verkillen.” (Mattheüs 24:12). Mensen verliezen eerbied voor God en worden hard in hun hart. Vloeken is daar een teken van.
2: De tong weerspiegelt het hart
“Waar het hart vol van is, daar loopt de mond van over.” (Mattheüs 12:34). Als de mond gevuld is met vloeken, laat dat zien wat er in het hart leeft: leegte, boosheid en afstand tot God.
3: Verduisterd verstand
Romeinen 1 laat zien dat als de mens God verwerpt, hij wordt overgegeven aan een verdwaasd denken en zondige gewoonten. Dan wordt vloeken niet meer gezien als zonde, maar als “normaal”.
4: De geest van deze wereld
“…de geest die nu werkzaam is in de kinderen van de ongehoorzaamheid.” (Efeziërs 2:2). Het is niet slechts een menselijke gewoonte, maar ook een geestelijke macht die taal en cultuur beïnvloedt.
5: Geen vreze Gods
“De overtreding van de goddeloze spreekt in het binnenste van zijn hart; er is geen vreze Gods voor zijn ogen.” (Psalm 36:2). Waar geen ontzag voor God is, wordt Zijn Naam lichtvaardig gebruikt.
Kortom: het normaliseren van vloeken is geen toeval, maar een vrucht van een samenleving die zich van God heeft afgekeerd. Het is een zichtbaar symptoom van een dieper geestelijk probleem: het ontbreken van eerbied en ontzag voor de Schepper.